Vakantiefonds

Doelstelling
Het Vakantiefonds is opgericht door werkgevers- en werknemersorganisaties in de waterbouw om, overeenkomstig het bepaalde in de CAO Waterbouw, de werknemers die werkzaam zijn in de waterbouw de vakantietoeslag alsmede een vergoeding wegens loonderving over in die CAO genoemde vakantiedagen, snipperdagen en feestdagen te verschaffen.

Hoofdlijnen van de regeling

Historie
De nieuwe regeling is sinds het vakantierechtjaar 1992/1993 operationeel.
In deze nieuwe regeling worden geen vakantiezegels meer verstrekt, maar worden door de werkgevers dagrechtwaarden afgedragen aan Fondsenbeheer Waterbouw B.V.
De dagrechtwaarden worden, op dezelfde wijze als voorheen de zegelwaarden, vastgesteld door partijen bij de CAO Waterbouw.

Verwerking van de vakantierechten
Een vakantierechtjaar is verdeeld in 13 (loon) perioden van 4 weken en loopt van half april tot half april.

Afdracht van de dagrechtwaarden geschiedt na afloop van elke loon periode. Fondsenbeheer Waterbouw B.V. boekt de dagrechtwaarden ten name van de betreffende werknemers en zendt de werknemers elke vier weken een kennisgeving van de bijboeking.

Voor de administratieve verwerking wordt gebruik gemaakt van het geautomatiseerde VRSW-systeem (VakantieRechtenSysteemWaterbouw)

Uitbetaling van vakantierechten
Na afloop van een vakantierechtjaar vindt jaarlijks de eindbetaling plaats in de maand mei.
Hiervoor hoeft geen verzoek om uitbetaling te worden ingediend.
De uitbetaling, de z.g. " Zomeruitbetaling ", is een betaling van het totale saldo van het verstreken vakantierechtjaar.

Naast deze algemene "Zomeruitbetaling" kunnen tussentijds uitbetalingen worden aangevraagd, waarbij sprake is van betaling van het gehele saldo dan wel van een deel van het saldo.

Tussentijdse betaling van een deel van het saldo
Deze worden als volgt aangeduid:

  • de "Najaarsuitbetaling"
  • de "Voorjaarsuitbetaling"
  • uitbetaling i.v.m. extra vrije verlofdagen.

Tussentijdse betaling van het gehele saldo
Dit vindt plaats in verband met:

  • emigratie;
  • volledige arbeidsongeschiktheid;
  • overlijden;
  • opname saldo vorig rechtjaar;
  • pensionering;
  • definitief verlaten van de bedrijfstak;
  • vervroegde uittreding (VUT- of prepensioenregeling);
  • vertrek naar het buitenland i.v.m. werkzaamheden, waardoor men aan het eind van het vakantierechtjaar niet in Nederland is.
Disclaimer
Deze website gebruikt cookies om te kunnen functioneren en het gebruik te analyseren teneinde het gebruiksgemak te verbeteren.Akkoord